Effecten van de ziekte van Parkinson in het muzikale domein
De ziekte van Parkinson gaat gepaard met symptomen zoals tremor, rigiditeit en bradykinesie (vertraagde bewegingen). Ook de spraak is vaak aangetast, wat betreft de variatie in toonhoogte, intensiteit en ritme. Vaak wordt aangenomen dat deze afwijkingen voornamelijk in verband kunnen worden gebracht met stijfheid van de stembanden, maar verschillende studies suggereren dat patiënten ook verminderde gevoeligheid voor de emotionele betekenis van de spraak hebben. Ze vertonen spraakproblemen die cognitief van aard zijn.
Parkinson en muziek
Bij gezonde mensen nodigt muziek uit tot meebewegen, meeklappen en meezingen. Ook op het bewegingspatroon van Parkinsonpatiënten kan het effect van muziek gunstig zijn: bij het luisteren naar muziek, ervaren zij vaak minder last van ‘Freezing of Gait’ (een plotseling optredend onvermogen om goed te lopen) en vertonen zij een vloeiender bewegingspatroon.
Er zijn verschillende studies die op een gedeeltelijke overlap tussen de neurale verwerking van muziek en taal wijzen. Aan de andere kant is het bekend dat mensen die ernstig stotteren vaak zonder problemen kunnen zingen. En vaak kunnen patiënten, na een beroerte, niet meer praten, maar wel zingen.
Als de spraakafwijkingen van Parkinsonpatiënten niet alleen aan spierstijfheid te wijten zijn, maar aan hogere cognitieve processen die met de spraak samenhangen, zou het mogelijk kunnen zijn dat het muzikale domein relatief onaangetast blijft.
Onderzoek
In dit onderzoek zullen Parkinsonpatiënten die in het dagelijks leven zingen, neuriën of fluiten, als proefpersoon worden gevraagd. Deelnemers aan het onderzoek worden thuis bezocht om opnames te maken van hun spreek- en zangstem terwijl zij verschillende opdrachten uitvoeren. Analyse van de opnames wijzen uit of het zingen van Parkinsonpatiënten verschilt van dat van gezonde mensen.
De groep patiënten zal worden vergeleken met een groep gezonde vrijwilligers, gematched op basis van leeftijd. Parkinsonpatiënten zullen o.a. worden geworven onder de bezoekers van de Neurologie Polikliniek en bij patiëntenverenigingen.
Doel
Een van de kenmerken van de spraak van deze patiënten is een gebrek aan prosodische variatie (in ritme, klemtoon en intonatie). Het doel van deze studie is om te bepalen of het zingen van Parkinsonpatiënten getypeerd wordt door een vergelijkbaar gebrek aan melodische variatie. Als dat niet zo is, zou het in theorie mogelijk moeten zijn om een therapie voor spraakverbetering te ontwikkelen, gebaseerd op transfer van het muziekdomein naar het spraakdomein, vergelijkbaar met Melodic Intonation Therapy voor afasie.
Onderzoeksaanpak
Eerst wordt de normale spraak van de proefpersoon opgenomen. Daarna wordt er gevraagd om de tekst van een bekend lied in het ritme van het lied te reciteren en vervolgens de melodie te neuriën of te fluiten. Als laatste wordt gevraagd om een melodie, neurieënd of fluitend, zelf spontaan te ‘improviseren’. De onderzoeker lokt dit uit door zelf de eerste regel van het melodietje te fluiten of te neurieën, waarna de proefpersoon de melodie, naar eigen inzicht, voortzet.
Tijdens het onderzoek worden geluidsopnames gemaakt. De analyse van de opnames zal zich toespitsen op:
- tempo van de spraak tijdens het reciteren van liedteksten in het ritme van het lied
- verschil in toonhoogte van het neuriën en fluiten van een bekend lied door de proefpersoon vergeleken met de oorspronkelijke toonsoort van het lied
- afwijking in de exacte intervallen van het lied tijdens het neuriën en fluiten
- omvang, ritmische variatie en intervallengrootte bij het improviserend afmaken van korte melodiefragmenten
Deze studie wordt uitgevoerd volgens de principes van de Declaration of Helsinki (aangenomen door de 59de Algemene Vergadering van de WMA, Seoel, oktober 2008) en in overeenkomst met de Medical Research Involving Human Subjects Act (WMO, 1 december 1999). Toestemming is verleend door de Medische Ethische Toetsings Commissie Groningen. Dataverzameling is in februari 2012 begonnen.
Onderzoekers:
- Drs. R. Harris, Prins Claus Conservatorium, Research School of Behavioral and Cognitive Neurosciences, Rijksuniversiteit Groningen
- Dr. B.M. de Jong, Neuroloog, Universitair Medisch Centrum Groningen