Een half jaar geleden ben ik begonnen met de vwo-route Bouwkunde. Hiervoor heb ik Communicatie- en Informatiewetenschappen aan de RUG gestudeerd, en ik ben vorig jaar afgestudeerd. Eigenlijk wilde ik na het vwo al Bouwkunde gaan studeren, maar ik had het C&M-profiel en voldeed toen niet aan de toelatingseisen. Van een vriendin hoorde ik dat je bij de Hanzehogeschool een deficiëntiecursus Wiskunde kunt volgen in de zomer, met een tentamen om toch toegelaten te kunnen worden tot de opleiding. Na mijn universitaire opleiding heb ik deze cursus gevolgd.
Hbo of universiteit
Ik had ook naar de universiteit in Eindhoven of naar Delft gekund, maar dan zou ik eerst zelf mijn N&T-diploma hebben moeten halen. Bovendien wist ik nog niet of het niet te moeilijk voor mij zou zijn, ik heb namelijk helemaal geen technische achtergrond. Dan zou ik net naar de andere kant van het land verhuisd zijn terwijl het met de studie misschien niets zou worden. Bovendien maakt het niet zoveel uit of je de vwo-route op de Hanzehogeschool of een universitaire bachelor doet: ze duren allebei drie jaar en met beide opleidingen kun je - soms met een schakelprogramma van een halfjaar - de universitaire master doen of naar de Academie van Bouwkunst.
Toekomst
Mijn achterstand op technisch gebied levert mij geen grote problemen op. Tot nu toe loop ik op schema. Als ik de bachelor afgerond heb wil ik verder studeren aan de Academie van Bouwkunst. Het voordeel daarvan is dat je werkt bij een architectenbureau, en tegelijk je master haalt om architect te worden. Als ik klaar ben met de bachelor ben ik 25, en dan wil ik wel graag aan het werk.
Vwo-route
Het leuke aan de studie vind ik dat je kunst combineert met techniek. Enerzijds is het de bedoeling dat je een mooi gebouw ontwerpt, en anderzijds moet het ook nog blijven staan. Bij de vwo-route begin je vanaf dag één begint met ontwerpen. Dit jaar zijn we drie blokken bezig met het ontwerp van een huisartsenpraktijk, erg leuk. Het vierde blok gaan we op stage. Bij de vwo-route gaat de stof er veel sneller doorheen dan bij de reguliere route, en wordt veel zelfstandigheid verwacht. Tentamens hebben we niet, alles wordt getoetst via praktische opdrachten die te maken hebben met de huisartsenpraktijk. Hierbij wordt het proces gevolgd zoals het in het echt ook gaat, met eerst een voorlopig ontwerp, dan een definitief ontwerp en dan het bestek. Zo krijg je een goed beeld van de beroepspraktijk. Dat is nog een groot voordeel van een hbo-opleiding: je loopt stages, snuffelstages, bezoekt praktijkdagen en de docenten hebben praktijkervaring. Zo wordt je na je studie niet ineens in het diepe gegooid, maar weet je al veel van de dagelijkse praktijk op een architectenbureau.
Atelier
Met onze vwo-klas hebben we een eigen atelier, waar we alle colleges volgen en opdrachten maken. Daardoor hebben we goed contact met elkaar en kennen we de docenten ook goed. Soms zitten we nog tot laat te werken en bestellen we pizza. De vwo-route is hard werken, maar ook gezellig.