Harry’s carrière in een notendop
Mr. Harry Smeltekop heeft al een behoorlijke carrière als advocaat achter de rug, maar het onderwijs is hem altijd blijven boeien. Hij studeerde ooit af aan de Pedagogische Academie, maar vervolgde zijn studieroute door Rechten te gaan studeren aan de RUG en werd advocaat. Hij werkte als advocaat met een focus op internationaal auteursrecht en mededingingsrecht in Amsterdam en als global trademark counsel Foods voor Unilever te Rotterdam en Londen. Nu is hij naast zijn docentschap aan onze hogeschool en aan de Hochschule in Bremen ook als advocaat Intellectuele Eigendom en IT verbonden aan Yspeert vwl Advocaten te Groningen. Sinds het studiejaar 2007/2008 geeft hij één maand per jaar mastercolleges bij de Hochschule Bremen met het seminar ‘Intellectual Property Rights in the European Union’. Zijn masterstudenten gaven hem de hoogste waardering in de studentenevaluaties, omdat hij ze inspireert en aan het denken zet.
Je bent docent van het jaar geworden aan de Hochschule in Bremen. Was je erg verrast?
‘Ja dat wel, want ik wist niet dat ze bezig waren met een dergelijke “verkiezing”. Van een voorgaand collegejaar wist ik wel dat mijn docentschap ook toen al goed beoordeeld werd, maar nu is deze titel als docent van het jaar wel echt een verrassing.’
Je studeerde zelf Rechten aan de universiteit, maar vind je dat dan ook een betere voorbereiding op een juridisch beroep?
‘Nee, niet in alle opzichten in ieder geval. Ik vind toch dat het praktijkdeel binnen een hogeschool er erg toe doet. Daar leren studenten pas echt wat het vak inhoudt, dat haal je niet boeken. Dat is ook wat ik mijn studenten meegeef; een boek is zwart-wit en zo zit de praktijk niet in elkaar.’
Het lijkt me van grote meerwaarde dat je naast je docentschap ook nog echt het beroep van advocaat uitoefent. Merk je dat zelf ook tijdens colleges?
‘Dat klopt, ik kan makkelijk praktijkcases oplepelen en hoef daarover niet zo na te denken. Ik denk eigenlijk ook dat dat mijn kracht is als docent. Het komt allemaal natuurlijk over en ik leg ook vragen neer bij mijn studenten om te kijken of ze de case echt snappen.’
Zie je veel verschillen tussen voltijd- en deeltijd studenten?
‘Deels wel inderdaad. Voltijdstudenten zijn vaak toch nog wat onzekerder en daardoor bang om fouten te maken en vragen te stellen. Het is dus een must om hen te laten zien dat je daar niet bang voor hoeft te zijn, maar dat vragen stellen juist erg belangrijk is. Met deeltijd studenten kan ik meer een dialoog aangaan. Ze vragen uit zichzelf iets als ze het niet snappen en het komt zelfs voor dat ze mij wat vragen en ik hen het antwoord op dat moment schuldig moet blijven. Ik leer dus ook wel degelijk van hen en ga dus op dat moment of op een later tijdstip nader op deze vraag in.’
Het docentschap zou je niet in willen ruilen voor een full-time baan als advocaat?
‘Nee, althans niet helemaal, want ik ben al sinds het begin van mijn loopbaan docent, zelfs in mijn functie als advocaat werd ik al vaak gebombardeerd tot ‘cursusgever’ van het een en ander. En ik heb me daar altijd prettig bij gevoeld, tja de Pedagogische Academie was destijds ook niet zomaar een keus. Ik blijf mijn docentschap en baan als advocaat dus voorlopig mooi combineren!’