Competentiegericht onderwijs
Op het Instituut voor Sportstudies werken we met een competentiegericht curriculum. Dat wil onder andere zeggen dat het leren in en vanuit het werkveld centraal staat. De praktijkervaringen moeten worden opgedaan in authentieke beroepssituaties. Deze ervaringen in de beroepspraktijk vormen het aangrijpingspunt voor het leren. Eigenlijk betekent dit dat er sprake is van een omkering. In het verleden werd er gewerkt van theorie naar praktijk (stagelopen). Nu wordt er gewerkt van praktijk (leerwerkplek) naar theorie. Oftewel een situatie in de praktijk ervaren en de verdieping hiervan leren en uitwerken op de opleiding. We spreken dan ook niet meer uitsluitend van stagelopen en stageplekken maar ook van leren in de praktijk op leerwerkplekken. Uiteraard moet er dan samenhang zijn tussen de activiteiten op de leerwerkplek en de opleiding. Noodzakelijk hiervoor is dan ook een nauwe samenwerking met het werkveld in verschillende vormen.
Leerwerkplekken
Gedurende zijn hele studie doet de student ervaring op in het werkveld. Alleen in de propedeuse spreken we nog wel van stage op een stageplaats, omdat de student in deze fase van zijn studie voor het eerst kennismaakt met het werkveld en nog slechts minimaal oriënterende/verkennende taken en opdrachten zal uitvoeren. In de major (hoofdfase 2e en 3e jaar) spreken we echter van leren op een leerwerkplek, omdat de student meer en meer in staat zal zijn in de dagelijkse praktijk taken en opdrachten uit te voeren en daarnaast een rol te vervullen binnen de organisatie van de leerwerkplek
Beroepsproducten
Een belangrijk onderdeel van de opleiding zijn de praktische opdrachten (beroepsproducten) om aan het ontwikkelen van de benodigde beroepscompetenties te werken. Daarbij staat de student centraal en niet de leerstof. Elke student werkt aan het ontwikkelen van zijn of haar competenties om een goede docent lichamelijke opvoeding, sportmanager of sportgezondheidsprofessional te worden. Kennis, vaardigheden en attitudes worden samengebracht in het maken van een beroepsproduct. Het gaat zoveel mogelijk om opdrachten die de student later als sportprofessional ook kan tegenkomen. De opdrachten worden in de loop van de vier jaar steeds complexer; er zijn individuele opdrachten maar ook opdrachten in teamverband.
Beroepscompetenties