In het boek worden dertien onderwijsmythes door gerenommeerde wetenschappers tegen het licht gehouden. De meeste mythes betreffen het kind, de leerling dus. Zo is er aandacht voor de mythe van het vroege leren, de mythe van de sterke benen, de kennismythe, de mythe van het (ab)normale kind en de mythe dat het brein er niet toe doet. Op leerkrachtniveau worden de mythe van de knappe meester en de mythe van de vrouwelijke didactiek onder de loep genomen. Op school- en organisatieniveau moeten de mythe van het maakbare kind, de mythe van de manager en de vrijheid van onderwijsmythe het ontgelden. Het boek sluit af met twee essays over de wijze waarop Rousseaus ontdekking van het kind doorwerkt in de hedendaagse onderwijsmythologie.
'Mythes in het onderwijs' is verplichte kost voor een ieder die professioneel met onderwijs te maken heeft: van leraren in opleiding en schoolhulpverleners tot onderwijsmanagers en politici.
Voor meer informatie klik hier