
Waarom noemen we iemand excellent en op grond waarvan? Heeft diegene ook een waardevoller leven? En is het pedagogisch verantwoord om excellentie na te streven? Vragen die Jeannette Doornenbal, Lector Integraal Jeugdbeleid aan de Hanzehogeschool Groningen, tijdens haar lezing probeert te beantwoorden.
Willen we dat onze kinderen beter en sneller vooruitgang boeken dan anderen of mag het ook langzamer? Of is het voldoende als ze simpelweg hun eigen tempo aanhouden en ook nog eens lekker in hun vel zitten? Dit kunnen we doortrekken naar scholen en leraren. Mogen die zich van elkaar onderscheiden? Ondanks de bezwaren is de druk op scholen en leraren om te streven naar excellentie hoog. Maar niet elke school kan excellent zijn. Dat is maar voor enkelen weggelegd, wat impliceert dat het ene kind wel excellent onderwijs krijgt en het andere niet. Daarom
heeft Doornenbal een alternatief voor goed onderwijs uitgewerkt: Triple S, wat staat voor Smart, Small en Social. Smart gaat over de kwaliteit van de uitvoering van het onderwijs door professionals. Small doelt op het reduceren van de complexiteit van de onderwijsorganisatie. Tot slot houdt het begrip Social in dat de kwaliteit van sociale relaties belangrijk is. Dit is noodzakelijk voor het laten ontstaan van een sterke verantwoordelijkheidsgemeenschap.
Hoe Jeannette Doornenbal dit alternatief uitwerkt kunt u hier lezen.