Opinie: Zet de twee nieuwe kerncentrales niet op één plek, maar spreid ze

  • Nieuws
Foto Kerncentrale.png

Op 18 juni kopte de Volkskrant: "Nieuwe kerncentrales alleen haalbaar in Groningse Eemshaven, provincie wil er niets van weten". Het artikel was gebaseerd op een onderzoek van TenneT naar de netinpassing van twee nieuwe kerncentrales met een gezamenlijk vermogen van 3,2 gigawatt, op vier mogelijke locaties: Sloegebied (Borsele), Terneuzen, Maasvlakte en Eemshaven. De conclusie van TenneT was ondubbelzinnig: alleen in Eemshaven leidt dit niet tot knelpunten in het stroomnet. Een dag later bevestigde de kamerbrief van de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat en de minister van Klimaat en Groene Groei dat alleen Terneuzen en Eemshaven nog in beeld zijn.

Tekst: Marten van der Laan, lector Systeemintegratie in de Energietransitie en Wytze van der Gaast, lector Economische Vraagstukken binnen de Energietransitie. 

Het kabinet wil voor het einde van dit jaar een voorkeurslocatie kiezen. Terneuzen lijkt niet kansrijk: in een extra deelonderzoek concludeert TenneT dat "zonder integraal beleid realisatie van nieuwe kernenergie in Zeeland niet reëel is en de opgave feitelijk niet uitvoerbaar is". Blijft over: Eemshaven. Daar zijn de Noordelijke bestuurders echter mordicus op tegen, omdat dit in hun ogen haaks staat op de eerder gemaakte afspraken over energie-investeringen in de regio waar kernenergie geen onderdeel van uitmaakte. Het recept voor een hete herfst ligt klaar. Is er een uitweg uit deze impasse?

Verkeerd uitgangspunt

Het TenneT-onderzoek biedt een helder beeld van de toekomstige vraag- en aanbodprofielen per onderzochte regio. Het havengebied van Rotterdam en het Noordzeekanaalgebied worden op jaarbasis netto-importeur van elektriciteit, als gevolg van de verwachte toename van elektrificatie. Voor een beter evenwicht tussen vraag en aanbod van stroom zou extra opwek nabij Rotterdam en Amsterdam dus gunstig zijn. Dit zou de noodzaak tot elektriciteitstransport verminderen en fors schelen op investeringen in netinfrastructuur. Het is bovendien efficiënter, omdat er minder energie verloren gaat tijdens transport.

In Groningen en Zeeland ligt de situatie omgekeerd: daar is al sprake van overproductie, en die stroom moet via het bestaande hoogspanningsnet zijn weg vinden naar de Randstad of het buitenland. Extra opwek op die plekken vergroot dus juist de transportbehoefte, in plaats van die te verminderen. Vanuit het uitgangspunt om vraag en aanbod regionaal beter in balans te brengen zou het verstandiger zijn om de twee centrales te spreiden over verschillende locaties, bijvoorbeeld één bij Rotterdam en één bij Amsterdam. Waarom viel de Maasvlakte dan toch af?

Het antwoord zit in de opdracht die TenneT kreeg: onderzoek de gevolgen voor het stroomnet van twéé kerncentrales op één locatie. Het havengebied van Rotterdam heeft weliswaar over het hele jaar gezien een stroomtekort, maar met 3,2 gigawatt extra productiecapaciteit, gecombineerd met wind op zee, slaat dat tekort een aantal keren per jaar juist om in een fors overschot. Die piekstroom moet dan alsnog het gebied uit, en dat lukt niet met de bestaande transportcapaciteit. Met andere woorden: niet de locatie Maasvlakte is het probleem, maar het uitgangspunt om beide centrales daar samen neer te zetten.

Kostenplaatje ontbreekt

Waar komt die wens om beide centrales op één locatie te bouwen eigenlijk vandaan? Tussen de regels door is die terug te lezen in de kamerbrief van 9 december 2022, waarin toenmalig minister van Economische Zaken en Klimaat Jetten Borsele als voorkeurslocatie aanwees. Het bijbehorende nieuwsbericht van de Rijksoverheid noemt kostenefficiëntie als reden: door gedeelde voorzieningen en gebundelde nucleaire kennis en infrastructuur zouden de kosten per reactor lager uitvallen. Een verwijzing naar onderliggend onderzoek ontbreekt echter, net als een kwantitatieve onderbouwing van dat argument.

We veronderstellen dat de kosten van netinpassing destijds niet zijn meegewogen, ook omdat die toen nog niet bekend waren. Daarmee zou het zomaar kunnen dat de optie van twee centrales op verschillende locaties per saldo goedkoper uitpakt dan twee op één locatie.

Laat ook de spreidingsvariant doorrekenen

Het kabinet staat op het punt een definitieve locatiekeuze te maken, terwijl de systeemtechnisch meest voor de hand liggende optie – twee centrales op verschillende locaties – niet serieus is onderzocht, en de economische kosten-batenafweging ervan ontbreekt, of in elk geval niet publiek te verifiëren is. Het gaat hier om een keuze die de inrichting van de energietransitie voor decennia bepaalt, en die bovendien maatschappelijk gevoelig ligt, zoals de weerstand vanuit het Noorden laat zien.

Daarom roepen we het kabinet op om alsnog de variant van twee kerncentrales op aparte locaties te laten doorrekenen. Laat de onderliggende data daarbij openbaar worden, zodat wij en andere onderzoekers kunnen meedenken over een besluit dat te belangrijk is om op onvolledige informatie te baseren.