‘Als vakdocent én leerkracht krijg je een completer beeld van je leerlingen’

  • Alumnus aan het woord
Klaslokaal

Al snel nadat Sandra Dijk klaar was met de ALO, wist ze dat ze niet alleen in de gymzaal betrokken wilde zijn bij de ontwikkeling van kinderen. Daarom besloot ze ook nog de Pabo te doen. Nu werkt ze als leerkracht én vakdocent bewegingsonderwijs op een basisschool.

‘Nadat ik ruim twintig jaar geleden afstudeerde aan de ALO, ging ik aan de slag als vakdocent in het basisonderwijs. Leuk werk, maar ik vond het jammer dat ik mijn leerlingen alleen in de gymzaal zag. Ik wilde ze graag meer bieden dan alleen bewegingsonderwijs. Ook betrokken zijn bij hun verdere ontwikkeling. Daarom heb ik toen nog de Pabo gedaan.’ 

‘De ALO-Pabo bestond nog niet, maar ik kon wel kiezen voor de verkorte Pabo. Die opleiding duurde twee jaar. Sindsdien sta ik voor de klas én in de gymzaal. Voor mij is dit de ideale combinatie. Ik vind het mooi om mijn leerlingen meer te zien en om hen meer te kunnen bieden, maar ik merk ook dat ik nauwer betrokken ben bij het team.’ 

‘Ik vind het nog altijd mooi om bij kinderen te zien dat een bepaalde ontwikkeling zowel in de gymzaal als in de klas gebeurt. Als een kind bijvoorbeeld nog niet kan touwtjespringen, zie je weleens dat ze met rekenen de cijfers omdraaien, of tijdens het lezen de b en d. Dat heeft ermee te maken dat de hersenhelften nog niet volledig samenwerken. Lekker veel bewegen helpt dan om die samenwerking te stimuleren. Maar ik vind het ook geweldig als kinderen die wat meer moeite hebben met vakken als taal en rekenen, tijdens de gymles helemaal tot bloei komen.’ 

‘Als vakdocent én leerkracht krijg je een completer beeld van de leerling, is mijn idee. Ik vind het daarom heel mooi dat studenten nu voor de ALO-Pabo kunnen kiezen. Als die opleiding twintig jaar geleden al had bestaan, had ik ‘m misschien ook wel gekozen.’