Opinie: 'Hoe stoppen we femicide? Begin bij jongens, scholen en rolmodellen'
- Nieuws
Wie femicide wil stoppen, moet eerder beginnen: bij jongens, scholen en rolmodellen. Dat schrijft Eric Blaauw, Lector Verslavingskunde en Forensische Zorg, in een opiniestuk in Dagblad van het Noorden.
Tekst: Eric Blaauw Lector Verslavingskunde en Forensische Zorg
Iedere acht dagen wordt in Nederland een vrouw gedood, meestal door haar (ex-)partner. Soms spelen psychiatrische problemen of sociale omstandigheden mee. Maar vaak gaat het om iets fundamenteels: een man die zijn macht, zijn eer of zijn ego boven het leven van een vrouw stelt. Dat heet femicide, het doden van een vrouw vanwege haar gender (WHO 2012).
Nederland staat internationaal in de middenmoot. Dat is geen geruststelling. Ons land behoort tot de koplopers als het gaat om fysiek of seksueel geweld tegen vrouwen buiten de partnerrelatie (Eurostat 2024). Onder jonge vrouwen van 18 tot 24 jaar is 18 procent slachtoffer van seksueel geweld (CBS, 2024). Gendergerelateerd geweld is geen randverschijnsel, maar een structureel maatschappelijk probleem.
Momenteel werkt de politiek aan een initiatiefwet om femicide zwaarder te straffen. Naar mijn mening gaat dat niet iets betekenen voor vermindering van femicides, maar is het wel belangrijk dat daarmee het fenomeen opnieuw op de kaart wordt gezet en het de discussie verder kan aanwakkeren.
Er zijn de afgelopen jaren wetten aangescherpt, campagnes gestart en organisaties opgericht. Dat is nodig, maar niet voldoende. Wie femicide en geweld tegen vrouwen echt wil terugdringen, moet wat mij betreft drie dingen doen:
Veel slachtoffers praten wel met vrienden of familie, maar zelden met professionals. De drempel is hoog. Misverstanden spelen een rol: de politie zou meteen opsluiten en Veilig Thuis zou kinderen uit huis plaatsen. Dat gebeurt soms, maar meestal niet. In de praktijk wordt juist gezocht naar manieren om geweld te stoppen zonder escalatie.
Daarnaast zijn veel professionals onvoldoende toegerust om intieme terreur en stalking te herkennen. Slachtoffers die uit angst terugkeren naar een gewelddadige partner worden onbegrepen of zelfs veroordeeld, terwijl dat vaak een overlevingsstrategie is. Zonder goede scholing missen hulpverleners de kern van het probleem en verliezen vrouwen het vertrouwen in de hulpverlening. Dat is gevaarlijk.
Intieme terreur en stalking stoppen zelden vanzelf. Ze vragen vrijwel altijd om een gezamenlijke aanpak van politie, justitie, zorg, ggz, vrouwenopvang en slachtofferhulp. Na de moord op de 16-jarige Humeyra in Rotterdam in 2018, die op de dag van haar overlijden voor de derde keer aangifte wilde doen van stalking, zijn stappen gezet in kennis en kunde van veel organisaties, maar de kennis over dwingende controle blijft achter.
Te vaak werken organisaties langs elkaar heen, worden signalen niet gedeeld en risico’s onvoldoende gezamenlijk ingeschat. Vooral instellingen buiten de vaste veiligheidshuizen en de regionale zorg blijven achter. Dat is onhoudbaar. Wie preventie serieus neemt, moet investeren in structurele kennisopbouw, betere informatie-uitwisseling en gezamenlijke verantwoordelijkheid. Losse schakels redden het niet tegen systematisch geweld.
Geweld tegen vrouwen is geen vrouwenprobleem. Toch zijn het vooral vrouwen die zich uitspreken. Dat moet veranderen. Jongens en mannen moeten zich nadrukkelijker uitspreken tegen geweld en ongelijkheid, als rolmodel, als bondgenoot, als normsteller.
Nog crucialer is dat het gesprek eerder begint: op basisscholen, middelbare scholen, in het mbo, hbo en wo. Over gelijkwaardigheid, grenzen, macht en seksualiteit. Over gezonde relaties. Ook over waarom ideeën van influencers als Andrew Tate aantrekkelijk kunnen zijn en waarom ze gevaarlijk zijn. En over de tradwife-subcultuur, waarin ongelijkheid wordt verkocht als vrije keuze. Zulke ideeën verdwijnen niet door ze te negeren.
Het is beschamend dat het hoger onderwijs nog weinig structurele aandacht heeft voor seksueel grensoverschrijdend gedrag. Dat het in studentenverenigingen nog steeds normaal is dat vrouwonvriendelijke termen en gedrag worden getolereerd, soms zelfs aangemoedigd, is onacceptabel. Ik ben dan ook van mening dat hiertegen veel harder moet worden opgetreden. In het onderwijs zijn voorlichting, structurele bewustwording creëren en laagdrempelige hulpverlening bieden daarbij absoluut noodzakelijk.
De jongeren van nu zijn de volwassenen van straks. Dáár ligt de grootste kans op preventie. Femicide is geen noodlot. Het is het uiterste gevolg van ongelijkheid die te lang wordt getolereerd. Wie dat accepteert, kijkt weg. Wie dat wil veranderen, moet nú harder, eerder en gezamenlijk ingrijpen.
Lector Verslavingskunde en Forensische Zorg
Zernikeplein 23, 9747 AS Groningen
Wil je meer weten over het lectoraat Verslavingskunde en Forensische zorg?
Bezoek de paginaHoe tevreden ben jij met de informatie op deze pagina?