Dr. Wim Krijnen
Lector Analysetechnieken voor Praktijkgericht Onderzoek
- 050 5953497
- [email protected]
- Wim Krijnen
-
Petrus Driessenstraat 3, 9714 CA Groningen
Lector Analysetechnieken voor Praktijkgericht Onderzoek
Petrus Driessenstraat 3, 9714 CA Groningen
Wim Krijnen is lector Analyse Technieken voor Praktijkgericht Onderzoek aan de Hanze. Binnen het lectoraat Healthy Ageing, Allied Health Care and Nursing is hij als statisticus vaak betrokken bij uiteenlopende onderzoeksprojecten. Voor hem staat de vertaalslag van resultaten uit statistische analyses naar de praktijk altijd voorop: wat betekenen cijfers voor de patiënt, de zorgprofessional en hoe kan het hen ondersteunen in de keuzes die zij samen maken?
“Als wij een effect vinden, kijken we ook: bij wie werkt het goed, en bij wie niet?” legt Krijnen uit. “En als we verschillen zien, proberen we te begrijpen waar die vandaan komen. Want uiteindelijk gaat het niet om ‘de gemiddelde patiënt’, maar om de persoon die voor je zit.”
Die manier van werken zie je terug in verschillende onderzoeken waar Krijnen bij betrokken is.
Een goed voorbeeld is onderzoek naar mensen die een beenamputatie hebben ondergaan. Met statistische analyses lieten Krijnen en collega’s zien dat voeding een grote rol speelt in het herstel. “Mensen overlijden vaker als hun voedingstoestand slecht is”, zegt Krijnen. “Maar veel mensen weten niet dat ze tekorten hebben.” Die inzichten werden vertaald naar concrete aanbevelingen voor de zorg: meer aandacht voor voeding, gerichtere behandeling en een grotere rol voor diëtisten.
De volgende stap is volgens Krijnen maatwerk. “We gaan steeds meer naar een patiëntgerichte aanpak. We meten waar iemand tekorten heeft en spelen daar gericht op in.” Statistiek blijft daarbij belangrijk. Want ook nieuwe aanpakken moeten worden getest: werkt dit echt beter?
Ook in onderzoek naar zorgprocessen speelt statistiek een belangrijke rol. Samen met Geert van der Sluis, bijzonder lector van de Hanze, onderzocht Krijnen het effect van een prehabilitatieprogramma bij knieoperaties. Daarbij bereiden patiënten zich vóór de operatie al voor, bijvoorbeeld met training en voedingsadvies.
Met behulp van statistische analyses werd gekeken naar verschillen tussen patiëntgroepen en naar het effect op herstel. Wat bleek: wanneer patiënten het prehabilitatieprogramma volgden, herstelden ze na de operatie sneller en hadden ze vaak minder complicaties.
Waar patiënten vroeger 12 tot 14 dagen in het ziekenhuis lagen, gaan ze nu soms dezelfde dag alweer naar huis.
De resultaten uit het onderzoek helpen zorgprofessionals om beter te bepalen welke ondersteuning het beste past bij een specifieke patiënt. Daardoor kunnen prehabilitatieprogramma’s steeds beter worden afgestemd op de persoonlijke situatie van iemand. “Niet iedere patiënt heeft hetzelfde nodig. Juist door beter te kijken naar verschillen tussen patiënten, kunnen we zorg steeds gerichter en effectiever maken.”
Ook bij het onderzoeken van nieuwe technologieën is statistiek onmisbaar. Bijvoorbeeld wordt er in Ziekenhuis Nij Smellinghe gewerkt aan automatische analyse van spiermassa via scans via kunstmatige intelligentie (AI). Dat is belangrijk, omdat het meten van spiermassa nu vaak nog handmatig gebeurt: zorgprofessionals moeten beelden zelf bekijken, intekenen en berekenen. Dat kost tijd en is gevoelig voor fouten. Met AI kan dat proces worden geautomatiseerd.
Daarnaast wordt AI gebruikt om de kwaliteit van scans te verbeteren. Door ruis te verminderen of beelden scherper te reconstrueren, kan dezelfde kwaliteit worden bereikt met minder straling. “Het is redelijk hoopvol”, zegt Krijnen. “Waarschijnlijk kunnen we in de toekomst patiënten met een lagere dosis scannen, terwijl de diagnostiek net zo goed blijft.” Krijnen en collega’s testen nu of de kwaliteit echt gelijk blijft en of de AI betrouwbaar genoeg is voor de praktijk.
Toch worden statistici nog niet altijd op tijd betrokken. Zonde, vindt Wim Krijnen. “Onderzoekers zijn anders vaak heel veel tijd kwijt”, zegt hij. “En soms verliezen ze de rode draad: wat is nu eigenlijk je hoofdvraag?”
Een statisticus helpt om die lijn scherp te houden. Welke analyse past bij je vraag? Hoe zorg je dat je resultaten straks ook standhouden bij publicatie en hoe ga je om met kritische reviewers? “Je hebt soms ook extra analyses nodig om kritiek goed te kunnen verdedigen”, legt hij uit. Daar kan een statisticus over adviseren.
Die manier van denken probeert Krijnen ook over te brengen via onderwijs en begeleiding. Bijvoorbeeld via de statistische helpdesk, die hij zelf heeft opgezet, waar studenten met hun vragen terechtkunnen. “En het mooiste is als begeleiders van studenten dan ook meegaan”, zegt hij. “Daar leren zij ook weer van, en planten we ook bij hen het zaadje dat je statistiek niet pas aan het einde moet doen, maar vanaf het begin moet meenemen.” In de toekomst ziet hij het liefst dat elke opleiding zo’n plek heeft waar onderzoekers en studenten laagdrempelig terechtkunnen met hun vragen.
Ondertussen volgt hij de ontwikkelingen rond AI op de voet en blijft hij zelf betrokken bij uiteenlopende projecten. Zo helpt hij in een onderzoek naar het functioneren van verpleegkundigen. Daarbij wordt het niveau van functioneren in kaart gebracht en gekoppeld aan hoe iemand in de praktijk werkt. Het doel is om beter zicht te hebben op wie wat kan, zodat taken beter verdeeld worden. En dat is hard nodig. “We hopen dat verpleegkundigen zo meer op hun plek zitten en minder snel uitvallen”, aldus Krijnen.
Meer weten over het lectoraat Healthy Ageing, Allied Healthcare and Nursing?
Healthy Ageing, Allied Health Care and NursingHoe tevreden ben jij met de informatie op deze pagina?